HEEMLAND 11

 

BOEKBESPREKING

Marokkanen in Nederland

Hoe onze multiculturele samenleving zal gaan functioneren ligt nog in de schoot van de toekomst, maar soms wordt er een tipje van de sluier opgelicht. Zo was er enige maanden geleden, toen er een tweede Golfoorlog dreigde, een Marokkaanse pro-Saddam Hoessein-demonstratie. De beelden van het journaal waren schrikbarend. Een van haat vervulde menigte die anti-westerse kreten scandeerde en westerse vlaggen verbrandde. Het westen mocht de moslim Saddam Hoessein niet aanpakken. Maar deze Saddam heeft in eigen land tienduizenden moslims op zeer wrede wijze onder andere met gifgas omgebracht. Toen heb ik geen demonstrerende Marokkaan gezien. Een duidelijk voorbeeld van hoe islamitische solidariteit werkt.
En onlangs waren er de rellen van Marokkaanse jongeren in Amsterdam met de politie. De Marokkaanse gemeenschap bestond het zelfs om naar aanleiding van deze rellen een demonstratie tegen het politieoptreden te organiseren. Toen enkele jaren geleden in dezelfde buurt van Amsterdam een jonge Marokkaan de sigarenhandelaar Hartman beroofde en neerschoot, heb ik geen enkele reactie uit de Marokkaanse gemeenschap vernomen. Weer zo’n voorbeeld van de dubbele moraal binnen Marokkaans islamitische kring. Marokkaanse jongeren mogen zich op beestachtige manier misdragen, en de Marokkaanse gemeenschap hult zich in stilzwijgen. Maar als de Nederlandse gemeenschap in dit geval met het politieoptreden zich manifesteert, is de verontwaardiging groot.

Deze selectieve verontwaardiging kan verklaard worden aan de hand van de opvattingen van professor Pinto hieromtrent. Professor Pinto, hoogleraar in Amsterdam en zelf van Marokkaans-Joodse afkomst, hield enige tijd geleden een lezing over fundamentele verschillen in de Marokkaans islamitische en de westerse cultuur. Twee opvattingen uit de lezing wil ik hier toelichten.

Allereerst kennen de Marokkanen een cultuur van in- en outgroups. Dat wil zeggen dat de solidariteit van Marokkanen altijd ligt bij de eigen groep, de ingroup, en dat de outgroup, de Nederlanders bij voorbeeld, vijandig en met wantrouwen tegemoet zal worden getreden. Dit vindt zijn wortels onder meer in de Marokkaanse stammencultuur. Deze solidariteitsnorm leidt ertoe dat daden totaal anders worden beoordeeld al naar gelang ze door iemand van de eigen ingroup of door iemand van de vreemde, bijvoorbeeld Nederlandse outgroup worden begaan.
Als wij de bovenvermelde demonstraties in dit licht beschouwen, wordt er een hoop duidelijk. Het neersteken van sigarenhandelaar Hartman werd door iemand van de eigen Marokkaanse groep gedaan en wordt dus zo niet vergoelijkt dan toch minimaal doodgezwegen, terwijl het optreden van de outgroup, in dit geval de politie in Amsterdam-West, zelfs tot officieel georganiseerde demonstraties leidt.

Ten tweede is de Islamitische cultuur een schaamtecultuur. Dit staat in tegenstelling tot de westers christelijke cultuur die juist een sterk schuldbesef kent. Wat houdt dit in? In onze cultuur voelen we ons schuldig over bepaalde misdragingen, ook al weet niemand daarvan. Dit komt omdat we binnen onszelf een normenstelsel hebben waaraan we onze daden afmeten. De islamitische cultuur kent dit niet, of in ieder geval minder.
Het schuldgevoel is er weinig ontwikkeld. Maar men kent daar wel de schaamte over de ontdekking van misdragingen. Dus niet wroeging over het misdrijf zelf, maar schaamte over de ontdekking ervan is in de islamitische cultuur het belangrijkste. In de praktij leidt dit bijvoorbeeld bij verhoren op het politiebureau tot eindeloos ontkennen van Marokkaanse verdachten, ook al ligt de bewijslast er nog zo dik bovenop. Immers een schuldgevoel dat tot een bekentenis zou kunnen leiden, ontbreekt nagenoeg.

Wederom aan de bovenvermelde demonstraties denkend, wordt er opnieuw veel duidelijk. Marokkanen voelen geen schuld over hun eigen misdaden, zeker niet als ze tegen Nederlanders gericht waren. Zo kan je de situatie krijgen, dat Marokkaanse jongeren hele wijken onleefbaar maken en terroriseren, maar dat er nooit eens verontschuldigingen van Marokkaanse zijde komen, of zelfs maar een poging tot verklaring afgelegd wordt.

Tegen deze achtergrond is er een opmerkelijk boekje verschenen van de hand van Edi Eddaoudi, getiteld: "Marokkaanse jongeren, daders of slachtoffers?" De auteur, op 7-jarige leeftijd naar Nederland gekomen, beschrijft daar zijn jeugd in Amsterdam. Het is het ‘standaardverhaal’ van een Marokkaanse jongere: stelen, liegen en bedriegen.
Enkele citaten: "Als 10-jarig jongetje ging me dit (namelijk stelen/edh) goed af en ik werd nooit gepakt. We stalen alles wat los en vast zat, ook dingen die we daarna onmiddellijk wegwierpen. Het was een gewoonte geworden. Stelen zonder dat je gepakt werd, gaf bovendien een kick."
Over z’n schooltijd: "Er deden zich praktijken voor die voor kinderen van deze leeftijd eigenlijk onvoorstelbaar waren. Vaak waren de leerlingen buiten het schoolplein te vinden, waar ze de winkels introkken om te stelen. De politie kwam geregeld op school om jongens op te halen die een strafbaar feit hadden begaan of ervan verdacht werden. Ik weet nog goed dat ik samen met een klasgenoot tijdens de diploma-uitreiking via de achteruitgang de keuken introk om eten te stelen. Dezelfde avond hebben we in de auto van de directeur ingebroken. Kortom: het was een broeinest van criminaliteit..." "...op het ITO waren wij – een groep Marokkanen en enkele andere leerlingen – de baas. Samen persten we andere kinderen af, bedreigden hen, pakten hun geld en waardevolle spullen af, en soms wachtten we iemand op om hem een pak slaag te geven."
Later wordt z’n beste vriend doodgestoken. Mede daardoor komt Edi tot inkeer. Gesteund door zijn Nederlandse vrouw betert hij zijn leven. Hij gaat islamkunde studeren en zweert zijn criminele verleden af.

In dit boek beschrijft hij vanuit de Marokkaanse gemeenschap zelf wat er fout gaat en hoe dat verholpen zou kunnen worden. Het bijzondere van dit boekje is dat hij hierin kritiek op de eigen Marokkaanse gemeenschap niet schuwt. Iets dat hem dan ook omstreden heeft gemaakt binnen de Marokkaanse gemeenschap want hij heeft uit de school geklapt, en wordt daarom als een "verrader" gezien. Iets wat overigens heel goed te verklaren is vanuit de bovenbeschreven in – en outgroup cultuur. Ik zal hier niet het hele boek herhalen, maar het geeft een onthullende blik op de Marokkaanse gemeenschap. Een gemeenschap, waar oplichting, fraude met uitkeringen, criminaliteit en hasjhandel volledig geaccepteerde handelswijzen zijn. Een gemeenschap, die totaal niet geïnteresseerd is in de Nederlandse cultuur en die ook niet wil integreren. Een gemeenschap waar het volledig normaal is om de Nederlandse samenleving op te lichten en te bedriegen, en dat op grote schaal. Hoewel ik het met de uiteindelijke conclusies van Edi Eddaoudi niet eens ben, is het zeker een moedig boek, en bepaald een must voor iedereen die twijfelt aan de levensvatbaarheid van de multiculturele samenleving.

E. den Hollander

 

Edi Eddaoudi "Marokkaanse jongeren, daders of slachtoffers". Uitgeverij Ad Donker ISBN 90-6100-457-8

 

 

terug naar heemland 11, Ten geleide

terug naar Heemland 1997-98, nrs 09-12

 

 

 

 

einde van Heemland 11

Naar Heemland 12, Ten geleide

e-post: heemland@heemland.nl