HEEMLAND 29
Barbarij
en beschaving
Sinds de val van de Berlijnse Muur in 1989 ligt het
krachtenveld van de internationale politiek weer open. Oude grootmachten boeten
aan macht en invloed in, terwijl nieuwe en jonge landen zich aandienen op het
politieke toneel. Het hervinden van het evenwicht in dit onstabiele
krachtenveld zou volgens Samuel Huntington een ‘clash of civilisations’
teweeg brengen.
Vooralsnog kunnen we vaststellen dat Huntington een
flink eind in de goede richting zat met zijn voorspelling van een botsing der
beschavingen.
Het vaststellen van de grenzen van deze beschavingen
is echter geen sinecure, zoals de discussie over het gesteggel over de
toetreding van Turkije tot de E.U. ons laat zien. Bovendien lopen de grenzen van
de beschaving niet meer zozeer langs landsgrenzen, maar veeleer dwars door de
maatschappij heen. Massa-immigratie uit het Midden-Oosten en Afrika heeft de
Derde Wereld tot in de wijken en straten van onze Europese steden gebracht.
De idee van de multiculturele maatschappij wil ons
doen geloven dat alle culturen gelijkwaardig zijn en dat elementen van cultuur
inwisselbaar zijn, zoals de onderdelen van een auto. Niets is echter minder
waar. Van oudsher maakt een zelfbewuste beschaving altijd het onderscheid tussen
verheven en verderfelijke cultuur, niet alleen binnen de beschaving maar ook des
te meer naar buiten. Processen van insluiting en uitsluiting vormen een
noodzakelijk middel ter bescherming van de beschaving voor de barbarij.
In de Klassieke Oudheid maakten de Grieken al
onderscheid tussen de eigen Griekse beschaving en de barbaroi, letterlijk vertaald: de brabbelaars. Daarmee werden
feitelijk de mensen bedoeld die het Grieks niet machtig waren en dus niet alleen
buiten de invloedssfeer van de Grieken leefden, maar ook binnen de Griekse
wereld geen deel uitmaakten van de gemeenschap, die zich blijkbaar
onderscheidde in taal en gewoonte.
In de loop van de tijd ontwikkelen zich beschavingen
en gaan beschavingen ten onder. Beschavingen ontwikkelen zich steevast rond
stedelijke gemeenschappen. De stedelijke gemeenschap onderscheidde zich van het
‘wilde’ platteland door een omwalling, waarbinnen het recht en de vrede
werden gehandhaafd. Een cultuur uit zich in gemeenschappelijke gewoonten en
taal, waarbinnen haar belangrijkste waarden liggen verankerd. Het Griekse woord demos-cratein
(burgerij regeert) is het meest sprekende voorbeeld daarvan.
Een ontwikkelde beschaving is een heel fragiel
bouwwerk, dat gevoelig is voor de razernij van de barbarij, die haar voortdurend
bedreigt. De aanslag op de Twin Towers laat zien dat iets wat zorgvuldig is
opgebouwd met één slag door geweld kan worden vernietigd met vérstrekkende
gevolgen voor zowel de maatschappij, zoals o.a. het gevoel van onveiligheid, als
de economie, met name de economische situatie op de financiële markten.
De
kwetsbaarheid van beschaving werd in het verleden al onderkend en men ging dan
ook over tot het opwerpen van allerhande verdedigingswerken, zoals de
Rijn-limes van de Romeinen en de Chinese muur. Deze werken beschermden de vrede,
de handel en bedrijvigheid en de orde, die de beschaving voortbracht tegen het
geweld dat deze wilde verstoren. Barbarij manifesteert zich altijd in
tegenovergestelde richting, namelijk de oorlog, de vernielzucht en de willekeur,
met andere woorden: chaos.
Als er al een erkenning van het gevaar van de
Islam als godsdienst is, dan is het vanuit het besef dat deze gsdienst alle
kenmerken van de barbarij belichaamt. De profeet van deze religie ontpopte zich
immers van een struikrover tot een wrede dictator, die met geweld en terreur
zijn wil oplegde aan de bevolking. De Islam na de profeet kent in navolging
daarvan een lange geschiedenis van ongekende vernietiging, moord en slavernij.
Bepaalde tegenstanders van een verenigd Europa
werpen vaak het argument op dat Europa een ‘fort’ dreigt te worden, dat een
dam opwerpt tegen de massa-migratie vanuit met name de Islamitische wereld.
Europa zal echter samen met Noord-Amerika, Japan en Australië bewust een
vrijhaven van democratie, vrijhandel en mensenrechten dienen te zijn ten
opzichte van het overgrote deel van de wereld waar dat niet het geval is. Een
zelfbewuste beschaving beschermt zichzelf immers tegen de krachten van de
barbarij.
Tegenwoordig dreigen door middel van arbeidsmigratie,
kettingmigratie en gezinshereniging bruggehoofden gevormd te worden van
migrantengemeenschappen, die los staan van de wortels en de waarden van onze
beschaving. Deze bruggehoofden nestelen zich in de kernen van onze beschaving,
namelijk de grote steden, en groeien exponentieel door de afname van de inheemse
bevolking, gepaard gaande met een trek uit de stad.
Deze
demografische ontwikkelingen zijn op zich niet zo verontrustend, ware het niet
dat de burgerrechten vrij gemakkelijk zijn te verwerven door grote groepen
inwijkelingen. Het burgerschap is echter de steunende stam van de beschaving.
De idee van burgerschap behelst een zelfbewuste middenklasse, die economisch
zelfstandig is, handhaving van het recht voorstaat en een burgerlijke moraal
predikt, zoals bijvoorbeeld fatsoensnormen, maar ook het verdedigen van het
vaderland. Een burgerij hoeft niet groot te zijn, maar dient wel dominant te
zijn.
In de Griekse oudheid werd binnen de stedelijke
samenleving het burgerschap gekoesterd en werd het slechts hoogst zelden
verleend aan een buitenstaander. In het Romeinse Rijk werd het burgerrecht
gekoppeld aan de militaire dienstplicht, waardoor een grondige romanisering
werd gewaarborgd. Het verval van het Romeinse Rijk maakte een duikvlucht toen
het burgerrecht door keizer Caracalla in 212 na Christus werd gekoppeld aan
geboorteplaats. Hierdoor kregen namelijk ook de binnengevallen barbaren
automatisch het burgerrecht.
Conclusie
Heden
ten dage worden de West-Europese steden overspoeld door een massa-immigratie uit
de Islamitische wereld, een cultuur en religie die wezensvreemd is aan onze
beschaving en met een bedenkelijke reputatie. Deze migratie zorgt voor een snel
groeiende groep mensen in de kernen van onze samenleving, die zich niet
verbonden weten en zich niet identificeren met de waarden en verworvenheden van
onze beschaving.
De Europese beschaving wordt niet alleen van buitenaf
bedreigd, maar op zijn minst ook van binnenuit door het cultuurrelativisme en de
kwistige verstrekking van burgerrechten aan vreemdelingen. Valse
veronderstellingen zoals de gelijkwaardigheid van culturen, en het concept van
de multiculturele samenleving, zorgen voor een gevaarlijke ondergraving van de
idee van een burgersamenleving, die een monocultuur vereist.
Beschaving is een kwetsbare
verworvenheid, die voortdurend wordt bedreigd door de krachten van de barbarij,
de chaos en de vernieling van buitenaf. Afscherming is daarom van levensbelang.
Een beschaving heeft weliswaar een bepaald beschavings- en absorptievermogen,
maar dat kan alleen met een sterke en zelfverzekerde burgercultuur, die een
grote aantrekkingskracht uitoefent op de welwillenden die juist vanwege de
cultuur graag assimileren.
Wouter Boerma
![]()
terug naar Heemland 29, Ten geleide
terug naar hoofdbladzijde Heemland

naar Heemland 29, Als het net even anders was gegaan